Deze site is onderdeel van Pearson Benelux B.V.
always learning
Bezig met laden...
0

DST-NL | Dyslexie Screening Test

Snel overzicht

Auteurs: A.J. Fawcett, R.I. Nicolson


Nederlandstalige bewerking door: W. Kort, M. Schittekatte, K.P. van den Bos, G. Vermeir, H.C. lutje Spelberg, P. Verhaeghe, S. van der Wild


De DST-NL is een screeningsinstrument dat aangeeft hoe groot het risico op dyslexie bij een leerling is.


Ronde Prijzen Actie van 28 nov. 2016 t/m 18 dec. 2016


Complete set: van €201,40 voor €150,- 


Scoreformulieren: van €76,66 voor €60,-

Beschikbaarheid: In voorraad

Productnaam Voorraad Prijs excl. BTW excl. BTW
DST-NL Complete Set
Artikelnummer: 4134.00
Normaal
Enkele stuks voorradig. Verwachte levertijd: 5 werkdagen
€ 150,00 excl. BTW
DST-NL Handleiding
Artikelnummer: 4134.01
Laag
Niet voorradig. Verwachte levertijd: meer dan 5 werkdagen
€ 47,61 excl. BTW
DST-NL Antwoordformulieren (25 stuks)
Artikelnummer: 4134.02
Normaal
Enkele stuks voorradig. Verwachte levertijd: 5 werkdagen
€ 60,00 excl. BTW
DST-NL Testkaarten
Artikelnummer: 4134.03
Laag
Niet voorradig. Verwachte levertijd: meer dan 5 werkdagen
€ 35,60 excl. BTW

Om dit product te kunnen bestellen dient u ingelogd te zijn

  • Details

  • Informatie

  • Training

  • Vragen?


  • • Snelle screening op dyslexie
    • Geschikt voor gebruik binnen het onderwijs
    • Geen kwalificaties vereist voor afname


    Doel
    Het bepalen van de grootte van het risico dat een kind dyslectisch is.


    Doelgroep
    Kinderen en jongeren van 6;6 tot 16;6 jaar uit het basis- en voortgezet onderwijs.


    Beschrijving
    De DST-NL bestaat uit 11 subtests. Drie van deze subtests geven een specifieke indicatie en kunnen worden aangeduid als classificerende diagnostische subtests of ‘attainment-tests'. De andere subtests (omschreven als ‘geassocieerde subtests') zijn opgenomen vanwege een mogelijke samenhang met dyslexie. Hoewel nog niet volkomen duidelijk is in hoeverre minder goede prestaties op deze taken samenhangen met dyslexie, gaven gegevens uit de literatuur en de resultaten uit het vooronderzoek aanleiding om de subtests in de DST-NL op te nemen. De DST-NL bestaat uit de volgende subtests:


    Subtest 1. Plaatjes en Letters Benoemen (geassocieerde subtest)
    Subtest 2. Kralen Rijgen (geassocieerde subtest)
    Subtest 3. Woorden Lezen (classificerende diagnostische subtest)
    Subtest 4. Lichamelijke Stabiliteit (geassocieerde subtest)
    Subtest 5. Klanksplitsing en Letterverwisseling (geassocieerde subtest)
    Subtest 6. Twee Minuten Spelling (classificerende diagnostische subtest)
    Subtest 7. Cijferreeksen Achterwaarts (geassocieerde subtest)
    Subtest 8. Onzinwoorden Lezen (geassocieerde subtest)
    Subtest 9. Eén Minuut Schrijven (classificerende diagnostische subtest)
    Subtest 10. Woordenschat (geassocieerde subtest)
    Subtest 11. Taalkundige Begrippen (geassocieerde subtest)


    Normering
    De DST-NL is genormeerd op basis van een steekproef van 511 kinderen in de leeftijd van 6;6 t/m 16;6 jaar, uit zowel Nederland als België.


    Scoring
    De score wordt uitgedrukt in PLQ (psycholinguïstisch quotiënt).


    Afname
    De DST-NL wordt individueel afgenomen via de pen-en-papiermethode. De afname duurt ongeveer 30 minuten.


    COTAN-beoordeling
    Gegeven de beoordelingscriteria van de COTAN is de DST-NL op alle punten voldoende tot goed bevonden: I. Uitgangspunten bij de testconstructie: voldoende, IIa. Kwaliteit van het testmateriaal: voldoende, IIb. Kwaliteit van de handleiding: goed, III. Normen: voldoende, IV. Betrouwbaarheid: voldoende, Va. Begripsvaliditeit: voldoende, Vb. Criteriumvaliditeit: voldoende.


    Jaar van uitgave
    2005


    De complete set bestaat uit:
    DST-NL Handleiding
    DST-NL Antwoordformulieren (25st.)
    DST-NL Testkaarten
    DST-NL Testmateriaal (kralen met touw)
    DST-NL Balanstester
    DST-NL Dyslexietas


  • Product categorie Language and Early Childhood Development
    Uitvoer type Kit
    Doelgroep Children
    Leeftijd 4-12 jaar (Basisschool), 12+ jaar (Jongeren/Adolescenten)
    Onderwerp Nee
    Search weight 5
  • Pearson Academy organiseert een ééndaagse training waarin u wegwijs wordt gemaakt in de uitgangspunten en de achtergrondinformatie van de DST-NL en wordt ingegaan op de afname, scoring en interpretatie van de DST-NL. Hierbij wordt gebruik gemaakt van veel praktijkvoorbeelden.

    U kunt ook gebruik maken van een combinatieaanbieding indien u de aanschaf van de test en de aanmelding voor de training gelijktijdig doet.

    Meer informatie...

  • 10 artikel(en)

    per pagina
    • Van A.Rijkenberg op 13-07-12 11:03
      • de dst zet de scores om in normscores. Zijn die te vergelijken met standaardscores en wat is hier het gemiddelde van? Wanneer is de score dus beneden gemiddeld, boven gemiddeld, stoornis....
      • Voor de normering van de subtests werd uitgegaan van normaal verdeelde standaardscores, met een gemiddelde van 10 en een standaarddeviatie van 3. Het Psycholinguistisch Quotient (PLQ) heeft een gemiddelde van 100 en de standaardafwijking van 15 (net als IQ-scores). Er wordt in de DST gesproken van een verhoogd risico op dyslexie wanneer het PLQ kleiner dan of gelijk aan 84 is.
      • Heeft deze vraag u geholpen?  Ja  Nee
    • Van B.T. Boomer op 27-11-12 09:29
      • bevat subtest 5 ,klanksplitsing en letterverwisseling, ook een tempo-normering ?
      • Deze subtest bevat geen tempo-normering. De ruwe score is aantal goed beantwoorde opgaven. Hierbij kan een normscore opgezocht worden. Er wordt geen tijd bijgehouden.
      • Heeft deze vraag u geholpen?  Ja  Nee
    • Van J. van Druenen op 02-04-13 13:42
      • Wat is de meetpretentie van de subtest Letters Benoemen? Zegt de normscore iets over accuratesse, snelheid, of beide? Zijn de vijf 'straf'seconden (bij een foutief benoemde letter) ergens op gebaseerd?

        Een voorbeeld:
        A. (9 jaar) heeft een tijd neergezet van 50 seconden. Hij maakt 4 fouten. Wanneer de fouten buiten beschouwing worden gelaten heeft A. een standaardscore van 7. Wanneer de fouten wel worden meegenomen heeft A. een ruwe score van 70, wat een standaardscore van 5 inhoudt. De (benoem)snelheid is echter nog steeds hetzelfde, maar door de accuratesse mee te nemen komt er toch een zwakke(re) score uit.

        Mijn vraag dus hoe deze standaardscore te interpreteren.
      • De normscore van de subtest Letters Benoemen zegt zowel iets over de snelheid als de nauwkeurigheid waarmee een kind de letters kan opnoemen. De fouten worden genoteerd (incl wat voor soort fout het is bv. f-v verwisselen) en dit kan meegenomen worden in de interpretatie. Het is dus in de interpretatie belangrijk om mee te nemen of een kind een hoge score haalt doordat hij/zij veel fouten heeft gemaakt of dat dit juist door de snelheid kwam. Dit kan ook belangrijke informatie geven voor een eventuele behandeling.
      • Heeft deze vraag u geholpen?  Ja  Nee
    • Van - op 04-09-13 19:12
      • 'Mag' een basispsycholoog -die in bezit is van BAPD en die gesuperviseerd wordt door een GZ-psycholoog kind en jeugd NIP- de DST afnemen en interpreteren? D.w.z. kan er op basis hiervan (en natuurlijk als na een (half) jaar blijkt dat het aanbieden van extra leerstof en / of aanvullende begeleiding niet leidt tot verbetering) een geldige dyslexie verklaring worden afgegeven?
      • De DST heeft ons kwalificatieniveau 0. Dit betekend dat deze door iedereen bij ons besteld kan worden. Afname en interpretatie mogen dan ook door iedereen gedaan worden. Het is dan ook een screeningtest. Deze test geeft aan of er een risico op dyslexie is en of vervolgonderzoek gewenst is.

        Een dyslexieverklaring afgeven is wat anders. Dit mag alleen door bepaalde professionals gedaan worden. Hier vindt u daar meer informatie over: http://www.steunpuntdyslexie.nl/dyslexie-in-de-zorg/onderzoek-en-behandeling-wel-vergoed/diagnose/dyslexieverklaring/kwalificaties-deskundige/

        Op basis van alleen een DST kan ook geen dyslexieverklaring afgegeven worden.
      • Heeft deze vraag u geholpen?  Ja  Nee
    • Van R. van Slagmaat op 20-11-13 17:43
      • De subtests klanksplitsing en letterverwisseling zijn dat qua aard fonologische tests ?
      • In het eerste deel van de subtest wordt nagegaan of het kind een woord in klanken of lettergrepen kan splitsen. Gevraagd wordt om het woord te noemen dat overblijft wanneer een bepaalde klank of lettergreep wordt weggelaten. In het tweede deel wordt het kind gevraagd om de beginletters van twee woorden te verwisselen. De score bestaat in beide delen uit het aantal goede woorden dat wordt genoemd.
        Beide delen doen beroep op zowel fonologische vaardigheden als op het auditief sequentieel werkgeheugen.
      • Heeft deze vraag u geholpen?  Ja  Nee
    • Van C de Boer op 20-04-14 21:57
      • In de handleiding wordt eerst gesproken over het omzetten van ruwe scores in normscores. Daarna wordt er gesproken over het omzetten van standaardscores in het PLQ. Hoe moet ik dit zien? Zijn norm en standaardscores hetzelfde?
      • Norm- en standaardscores zijn in dezen inderdaad hetzelfde.
      • Heeft deze vraag u geholpen?  Ja  Nee
    • Van C. van Oorschot op 26-05-14 17:12
      • Ik heb wat onduidelijkheid over het kralen-rijgen. Mijn collega laat kinderen de kralen rijgen met 1 hand (koord in schrijfhand, kraal opzetten met de andere hand, dan enkel met de schrijfhand (dus zonder hulp van de andere hand) de kraal op het koord krijgen). In de beschrijving van deze subtest zie ik dat niet heel duidelijk terug. Is dat de gebruikelijke manier, of mogen de kinderen de kralen met 2 handen rijgen?
      • In de handleiding op blz 55 staat het volgende geschreven "Nu wil ik graag zien hoe vlug je deze kralen aan het koord kunt rijgen. Houd het koord vast in de hand waarmee je schrijft en duw het door een kraal. Daarna laat je het naar beneden vallen". Het is de bedoeling dat de kraal naar beneden valt en niet door middel van een hand naar beneden wordt geschoven. Zoals uw collega de taak laat uitvoeren is de correcte manier.
      • Heeft deze vraag u geholpen?  Ja  Nee
    • Van P. Villé op 15-10-14 11:04
      • Een vraag over het scoren van de subtest 'Woordenschat'. Als een kind telkens een woord geeft en nadien het meervoud van dit woord, bv. slang, slangen. Mag je dit als twee juist gescoorde woorden aanrekenen of niet?
      • Wij zouden dit goed rekenen. Als twee juiste woorden dus.
        Varianten van een woord worden gerekend als twee juiste woorden (naald naaldboom). Een echte herhaling mag niet.
        Een meervoud kan ook gezien worden als een variant van een woord.
      • Heeft deze vraag u geholpen?  Ja  Nee
    • Van Yvonne op 05-12-14 16:20
      • Bij subtest 6 (Twee minuten spelling) staat de omkeerregel: als een kind van 9,5 jaar of ouder twee of meerdere woorden van het derde rijtje fout schrijft, gaat u naar de eerste rij. Hoe moet ik dit interpreteren? Gaat het om twee woorden achter elkaar fout, en dan terug naar nr. 8 ? Of de eerste twee woorden achter elkaar fout? Of eerst het rijtje afmaken? Ik kan dit niet opmaken uit de handleiding.
      • Bij 2 fouten in het derde rijtje (hoeft niet achter elkaar), keer je om naar het 1e rijtje. Er is ook een 4e rijtje. Deze woorden kunt u afnemen als er geen omkeerregel nodig was voor het derde rijtje en u gewoon door kon gaan met de afname voor kinderen van 9,5.
      • Heeft deze vraag u geholpen?  Ja  Nee
    • Van Miekje Piekje op 26-10-15 12:23
      • Subtest 10 gaat over woordenschat. Door zoveel mogelijk verschillende woorden met dezelfde begin letter te noemen kunnen punten gescoord worden. Moeten vervoegde werkwoorden en enkel/meervoud/verklein woorden als verschillende woorden gezien worden? Bijvoorbeeld zwen, zwemt en zwemmen of zee, zeeën, zeetje.
      • Elk echt woord mag goed gerekend worden, ook vervoegde werkwoorden en enkel/meervoud/verklein woorden. Deze mogen allemaal als apart woord gescoord worden.
      • Heeft deze vraag u geholpen?  Ja  Nee

    Stel uw vraag over dit product